Samuël bidt voor Israël na bekering

Samuël heeft het volk opgeroepen in Mispa. Er is nog steeds oorlog en dat hoor je ook steeds in de verte. Samuël spreekt nogmaals het volk toe dat ze nu niet meer moeten vrezen. Hij bidt voor hen en terwijl hij dat doet, hoor je het geluid van enorme donder als antwoord van God. Het geluid van strijd neemt af. Het volk vat moed om de strijd tegen de Filistijnen op te nemen en hen te verslaan.

1 Sam. 7:6-10

6 Te Mispa bijeengekomen, putten zij water en goten het uit voor het aangezicht des HEREN. Ook vastten zij op die dag en zeiden daar:Wij hebben tegen de HERE gezondigd. En Samuël richtte de Israëlieten te Mispa. 7 Toen de Filistijnen hoorden, dat de Israëlieten zich verzameld hadden te Mispa, trokken de stadsvorsten der Filistijnen tegen Israël op. De Israëlieten hoorden dit, en zij werden bevreesd voor de Filistijnen. 8 En de Israëlieten zeiden tot Samuël:Laat niet na voor ons tot de HERE, onze God, te roepen, opdat Hij ons verlosse uit de macht der Filistijnen. 9 Toen nam Samuël een melklam en offerde het in zijn geheel de HERE tot een brandoffer. En toen Samuël voor Israël tot de HERE riep, antwoordde de HERE hem. 10 Terwijl Samuël bezig was het brandoffer te brengen, rukten de Filistijnen op ten strijde tegen Israël, maar de HERE deed te dien dage machtig de donder rollen over de Filistijnen en bracht hen in verwarring, zodat zij tegen Israël de nederlaag leden.